Het verwilderen van bloembollen en planten

Bloembollen, wie houdt er niet van? Genieten in het voorjaar van de levendige kleuren en heerlijke geuren. Het planten van bloembollen is een leuk klusje. Al vinden sommigen het fijn als de bollen maar één keer geplant hoeven worden en elk jaar terug komen. Dan kom je uit bij verwilderingsbollen. Wij leren je hier alles wat je moet weten over deze gemakkelijke bloembollen.

Wat zijn verwilderingsbollen?

Verwilderingsbollen zijn bloembollen of knollen die elk jaar met meer bloemen terug komen. Dit betekent dat je ze elk jaar na de bloei gewoon in de grond kan laten. In het volgende jaar ontstaan er meer kleine bollen of knollen bij de moederbol waardoor er meer bloemen in bloei komen. Vaak zijn verwilderingsbollen kleinbloemige bolsoorten. Denk hierbij aan sneeuwklokjes, blauwe druifjes of kleinbloemige varianten van de tulp of narcis.

Vaak als we spreken over het verwilderen van bloembollen, komt ook de term Stinzenplanten voorbij. Dit is een verzamel naam voor verwilderende bollen knollen en vaste planten met een grote historische waarde. Deze bloeiende planten werden gezien als een status symbool omdat deze alleen bij landhuizen en kastelen werden geplant. Tegenwoordig zijn deze planten door heel Europa terug te vinden.

Hoe plant je verwilderingsbollen?

De manier van planten verschilt weinig tussen verwilderende bollen en één-jarige bollen. Wel hebben verwilderende bloembollen meer ruimte nodig om te groeien. In elke tuin is wel een plekje te vinden waar bloembollen of planten uitstekend kunnen verwilderen. Geef de speciaal voor verwildering geschikte gewassen genoeg ruimte zodat ze zich kunnen uitbreiden.

Zorg er als eerste voor dat een bol- of knolgewas een rustige standplaats heeft waar het zichzelf optimaal kan ontwikkelen. Plant de bollen in een border tussen de vaste planten of in je gazon. Let bij het gazon wel op dat het gras pas gemaaid mag worden als het bovengrondse deel van de bloembol geheel is afgestorven. Dit kan het beste 6 tot 8 weken na de bloeiperiode van de bol.  

Plant verwilderingsbollen vroeg in het najaar, het liefst eind september of begin oktober. De meeste bollen bloeien al vanaf februari. Dit is natuurlijk wel afhankelijk van het soort dat je plant. Volg bij het planten de volgende stappen:

  1. Maak gaten die 3 keer zo diep zijn als de hoogte van de bol.
  2. Stop de bol of knol in het gat met het “neusje” omhoog.
  3. Vul de gaten met verse potgrond en druk deze licht aan.
  4. Geef water bij en laat verder de natuur zijn werk doen.

Verzorgen van verwilderingsbollen

Vanaf februari komen de eerste bollen uit de grond. Deze hebben weinig verzorging nodig. Alleen tijdens droge periodes geef je wat water bij. Het geven van extra voeding is niet nodig, want de bloemen halen energie uit de bol. De bloemen zullen enkele maanden bloeien waarna deze afsterven. Het is van belang dat je het gewas na de groei met rust laat. Laat het (gele) blad, dat voor de plant onmisbaar is, zitten. Het zal uit zichzelf afsterven. De bollen en knollen kunnen nu een tijd rustig gedijen. Zo verwilderen ze gemakkelijk en hoef je er geen aandacht aan te besteden.

Doordat er meerdere bollen ontstaan bij het verwilderen, kunnen bollen ook goed vermeerderd worden. Deel voorzichtig de kluit door enkele bolletje of knolletjes los te halen. Deze kan je weer ergens anders in de tuin planten.

Lees ook: Tuinieren 2.0: combineren van vaste planten en zomerbollen. Hierin geven wij onze top 5 combinaties tussen verwilderingsbloembollen en vaste planten.

Winkelwagen

×

Product title

1 x €29,95

Subtotaal

Afrekenen