 |

|
|
|
Kijk op kruiden door de eeuwen heen
|
 |
Mensen kennen al heel lang de bijzondere waarde van kruiden. Eerst alleen vanwege de voedingswaarde, later ook voor religieuze, culinaire en medicinale doeleinden. De Griekse, Egyptische en Chinese beschavingen stelden al duizenden jaren voor onze jaartelling hun kennis over kruiden op schrift. In de loop der eeuwen werd de lijst van bruikbare planten voor allerhande kwaaltjes en ziekten steeds langer. Vandaag de dag worden kruiden voornamelijk in de keuken gebruikt. Toch is de afkomst en de geschiedenis van een paar bekende keukenkruiden een hele openbaring. Misschien gebruikt u straks rozemarijn in het badwater of drinkt u wellicht thee van tijm zoals de Romeinen al deden. Maar gewoon wat versgehakte peterselie over de worteltjes mag natuurlijk ook.
De termen kruiden en specerijen worden vaak door elkaar gebruikt. Toch is er verschil. Kruiden zijn delen van planten zoals wortels, stengels, bladeren, vruchten en zaden die in een gematigd klimaat groeien. Specerijen zijn dezelfde delen van planten, die in een tropisch klimaat groeien en in Europa meestal alleen in gedroogde vorm voorkomen.
KruidenkennisVroeger hadden wijze mannen en vrouwen aanzien door hun kennis van kruiden. In Europa bijvoorbeeld de Druïden. Zij maakten kruidenmengsels om mensen van hun kwaaltjes te genezen. Later bleken die genezingen vaak gebaseerd op inderdaad werkzame scheikundige processen, waarvan men toen nog niet op de hoogte was. Mensen droegen bijvoorbeeld kruidenbuiltjes als afweer tegen de tyfus. Nu weten wij dat er een wetenschappelijke basis voor is: de antiseptische oliën van bepaalde kruiden werken als bacteriedodend middel.
Kruiden spelen ook al heel lang een rol in het religieuze leven. De heilige zalfolie bestond onder andere uit mirre en kaneel, en men brandde aloë als wierook. Dergelijke specerijen waren indertijd net zo kostbaar als goud en het is dus logisch dat degenen die deze kruiderijen verhandelden machtig waren. De geschiedenis heeft dan ook dramatische omwentelingen gekend als gevolg van de specerijen- en kruidenhandel.
In de eeuwen voor Christus bezaten de Arabieren het monopolie op de handel in specerijen en kruiden. Zij hebben deze luxe positie lang weten te behouden. Hun karavanen bestonden wel uit 4000 zwaar beladen kamelen met specerijen uit onder andere Goa en Calcutta. De kostbaarheden werden op de markten van Babylon, Carthago, Alexandrië en Rome verkocht. De machtspositie van de Arabieren werd uiteindelijk ondermijnd door de tijd: met de ondergang van de oude beschavingen raakten kruiden en specerijen langzamerhand in de vergetelheid.
Middeleeuwse belangstellingDe verovering van Spanje door de Moren in de 8e eeuw herstelde het gebruik van kruiden en specerijen. In die tijd perfectioneerden de Moren natuurwetenschappelijke processen als het onttrekken en distelleren van etherische oliën en reukstoffen uit aromatische planten. In de 12e eeuw ontstond er tussen kruisridders en Oosterse kooplieden een levendige handel: linnen en wol uit het Westen werd geruild tegen specerijen en zijde uit het Oosten. Het strategisch gelegen Venetië werd de belangrijkste doorvoerhaven voor Europa. Eind 13e eeuw maakte de Venetiaanse Marco Polo zijn verre reis naar o.a. China, Birma en India en zijn reisverhalen maakten velen nieuwsgierig. Het verhaal wil dat Columbus o.a. hierdoor geïnspireerd het ruime sop heeft gekozen om een nieuwe zeeroute te vinden en zo in 1492 Amerika ontdekte. De eindelijk gevonden nieuwe zeeroute naar India rond de Kaap van Afrika, bracht de hele specerijen- en kruidenhandel in rep en roer.
In dezelfde tijd onstond de belangstelling voor de kruidentuin. Mensen aten in die tijd weinig groenten, maar wel veel vlees dat ze op smaak brachten met de kruiden die ze op een beschut hoekje langs de vestingmuren teelden. Al snel werd het noodzakelijk om de kruidentuinen van een omheining, zoals een dikke beukenhaag, te voorzien om te voorkomen dat dieren én dieven er met hun kostbare kruiden vandoor gingen.
Rijke handelDe nieuwe horizonten boden de Hollanders, Engelsen en Portugezen nieuwe handelsroutes vanuit hun eigen havens, waardoor Venetië haar sleutelpositie verloor. Door deze verschuiving in de macht groeiden zeevarende naties uit tot grote mogendheden. Door hun sterke vloot hadden de Hollanders de grootste invloed op de eilanden rond Indië, het huidige Indonesië. In 1658 beheerste de Verenigde Oost-Indische Compagnie de kaneelhandel op Ceylon en later ook de specerijenvoorraden op Celebes en Java.
De Engelsen richtten hun East-India Company op en deden hun zaken vooral op het vaste land van India. Amerika begon in die tijd zelf peper te halen uit Sumatra. Amerika's eerste miljonair, Elias Haskett Derby, maakt zijn fortuin met de peperhandel. Inderdaad: peper was peperduur! Het werd per korrel verkocht en vaak als bruidsschat meegegeven. Een slaaf kon vroeger zijn vrijheid kopen met een pond peper!
In de 17e en 18e eeuw gebruikte men enorme hoeveelheden peper, kaneel, kruidnagelen, gember, nootmuskaat, foelie en andere kruiden om het voedsel smakelijker te maken of te conserveren. Tegen het einde van de 19e eeuw nam het gebruik van kruiderijen weer af. De mensen hoefden hun kruiden niet langer als huismiddeltjes zelf te kweken, omdat er moderne geneesmiddelen beschikbaar kwamen. Ook de noodzaak om levensmiddelen te conserveren of om ongewenste luchtjes te camoufleren werd minder.
Inmiddels is er een sterke opleving in de belangstelling voor specerijen en kruiden. Niet in de laatste plaats door de culinaire ontwikkelingen. Exotische vakanties en de vermenging van verschillende culturen, heeft eveneens een verscheidenheid aan uitheemse gerechten en kruiden op de kaart gezet. En dat is maar goed ook: de nieuwe en oude kennis van kruiden en specerijen bij elkaar, kan alleen maar als een verrijking worden gezien.
Wilt u meer weten over kruiderijen, het culinaire gebruik en de teelt van een aantal belangrijke keukenkruiden, kijk dan verder op deze site.
|
|
|
|
 |
|
 |

|
 |